Skip to content
Jeroen&Evita
Vlieland
← Terug naar reisoverzicht← Back to trip overview NederlandNetherlands · 2021

VlielandVlieland

Vanwege dat aanhoudende dingetje genaamd Corona blijven we voor vakantie voorlopig nog aangewezen op eigen land. We reizen voor een paar dagen af naar het kleinste waddeneiland van Nederland, Vlieland. Voor Evita was het de eerste kennismaking met de waddenzee en bijbehorende eilanden, zelf ben ik ooit in een ver verleden op Texel geweest.

Op de vroege vrijdagochtend vertrokken we richting Harlingen alwaar we de auto achter zouden laten om op de veerboot richting het eiland te stappen. Ondanks het feit dat de veerdienst in deze tijd maar de helft van het maximum aantal passagiers mag vervoeren was het toch best druk te noemen. Het was prachtig weer. Een stevige wind, maar wel zonnig en een mooie blauwe lucht. Na een oversteek van circa anderhalf uur naderen we de aanlegplaats op vlieland. Met chirurgische precisie werd het vaartuig richting de steigers gemanouvreerd.

Ons hotel is in het (enige) dorp van Vlieland, Oost-Vlieland. Een ondanks Corona maatregelen gezellig ogende dorpsstraat leidt ons er vanaf de haven naartoe. De kamer geeft uitzicht over de Waddendijk naar de Waddenzee, geen verkeerd plaatje.

Vlieland is autoluw, het is in principe niet is toegestaan om gemotoriseerde voertuigen mee te nemen naar Vlieland. Ook kun je er geen auto's huren. Dat is ook niet nodig, het eiland meet 12 kilometer in lengte en is op het breedste punt slechts 2 kilometer. De eerste dag maakten we al een wandeling van het dorp naar het strand in net noorden van Vlieland om bij strandtent Badhuys neer te strijken voor een hapje en een drankje. Het waaide flink maar het strand zag er prachtig uit. Op gepaste afstand konden we er plaats nemen aan een tafeltje. Vanwege de Corona maatregelen moest je alleen zelf even je bestelling af komen halen.

Voor de volgende twee dagen hadden we fietsen gehuurd. We maakten op zaterdag een lange tocht (althans, zo voelde het in ieder geval) van Oost-Vlietland naar het westen. Althans, zo ver als dat mogelijk is. Het grootste deel van de westelijke kant van het eiland is militair oefenterrein. De Kroonpolder die ernaast ligt is een natuurreservaat en alleen toegankelijk onder begeleiding van een boswachter. Deze tochten waren helaas afgelast. Ons eindpunt lag daardoor bij het Posthuys, de historische verblijfplaats van Vlieland's laatste postiljon te paard. Hier genoten we van een lunch voor we aan onze weg terug begonnen.

Op zondag gingen we opnieuw richting het westen om bij het Posthuys onze fietsen te stallen om de Bomenland wandelroute te volgen. Deze leidt door het Westerbos, het eerste dennenbos van Vlieland. De naam Bomenland is ontstaan toen de bomen groter werden. Het is een mooie route die langs het broedgebied van de vele vogels op Vlieland leidt. Een uitkijkpost aan het begin van de route geeft daar een mooi uitzicht over.

De laatste dag waren we, dankzij ondergetekende, al vroeg uit de veren. Ik had niet goed geslapen en was daarom al vroeg begonnen met inpakken. De dag ervoor hadden we de zonsopgang gemist dus dit was een mooie kans om die alsnog mee te maken. We hadden daar eerder al een uitkijkpost gezien die een mooi uitzicht zou moeten geven. Helaas waren we iets te laat en was de zon al een stukje opgekomen, maar het uitzicht was er niet minder op.

We daalden af en zetten ons "ommetje" voort langs de jachthaven, het strand op aan de oostkant van het eiland om aam de noordelijke strand uit te komen. De stranden zijn heel breed en het is er zeker nu heerlijk rustig. Ter hoogte van de Kampweg slaan we af door de duinen heen. Langs camping Stortemelk steken we zo het eiland over om weer in het dorp terug te keren. Het was een ommetje van zo'n 2,5 uur geworden. We waren letterlijk enkele minuten voor het ontbijt werd geserveerd (lees: in Corona tijden voor je kamerdeur gezet) terug. Perfecte timing.

Om 12.30 die dag zaten we weer op de veerboot richting het vaste land. Het waren prachtige dagen, ik had niet verwacht dat Vlieland zó mooi zou zijn.

Vanwege dat aanhoudende dingetje genaamd Corona blijven we voor vakantie voorlopig nog aangewezen op eigen land. We reizen voor een paar dagen af naar het kleinste waddeneiland van Nederland, Vlieland. Voor Evita was het de eerste kennismaking met de waddenzee en bijbehorende eilanden, zelf ben ik ooit in een ver verleden op Texel geweest.

Op de vroege vrijdagochtend vertrokken we richting Harlingen alwaar we de auto achter zouden laten om op de veerboot richting het eiland te stappen. Ondanks het feit dat de veerdienst in deze tijd maar de helft van het maximum aantal passagiers mag vervoeren was het toch best druk te noemen. Het was prachtig weer. Een stevige wind, maar wel zonnig en een mooie blauwe lucht. Na een oversteek van circa anderhalf uur naderen we de aanlegplaats op vlieland. Met chirurgische precisie werd het vaartuig richting de steigers gemanouvreerd.

Ons hotel is in het (enige) dorp van Vlieland, Oost-Vlieland. Een ondanks Corona maatregelen gezellig ogende dorpsstraat leidt ons er vanaf de haven naartoe. De kamer geeft uitzicht over de Waddendijk naar de Waddenzee, geen verkeerd plaatje.

Vlieland is autoluw, het is in principe niet is toegestaan om gemotoriseerde voertuigen mee te nemen naar Vlieland. Ook kun je er geen auto's huren. Dat is ook niet nodig, het eiland meet 12 kilometer in lengte en is op het breedste punt slechts 2 kilometer. De eerste dag maakten we al een wandeling van het dorp naar het strand in net noorden van Vlieland om bij strandtent Badhuys neer te strijken voor een hapje en een drankje. Het waaide flink maar het strand zag er prachtig uit. Op gepaste afstand konden we er plaats nemen aan een tafeltje. Vanwege de Corona maatregelen moest je alleen zelf even je bestelling af komen halen.

Voor de volgende twee dagen hadden we fietsen gehuurd. We maakten op zaterdag een lange tocht (althans, zo voelde het in ieder geval) van Oost-Vlietland naar het westen. Althans, zo ver als dat mogelijk is. Het grootste deel van de westelijke kant van het eiland is militair oefenterrein. De Kroonpolder die ernaast ligt is een natuurreservaat en alleen toegankelijk onder begeleiding van een boswachter. Deze tochten waren helaas afgelast. Ons eindpunt lag daardoor bij het Posthuys, de historische verblijfplaats van Vlieland's laatste postiljon te paard. Hier genoten we van een lunch voor we aan onze weg terug begonnen.

Op zondag gingen we opnieuw richting het westen om bij het Posthuys onze fietsen te stallen om de Bomenland wandelroute te volgen. Deze leidt door het Westerbos, het eerste dennenbos van Vlieland. De naam Bomenland is ontstaan toen de bomen groter werden. Het is een mooie route die langs het broedgebied van de vele vogels op Vlieland leidt. Een uitkijkpost aan het begin van de route geeft daar een mooi uitzicht over.

De laatste dag waren we, dankzij ondergetekende, al vroeg uit de veren. Ik had niet goed geslapen en was daarom al vroeg begonnen met inpakken. De dag ervoor hadden we de zonsopgang gemist dus dit was een mooie kans om die alsnog mee te maken. We hadden daar eerder al een uitkijkpost gezien die een mooi uitzicht zou moeten geven. Helaas waren we iets te laat en was de zon al een stukje opgekomen, maar het uitzicht was er niet minder op.

</br>

<div class="fitVids-wrapper"> <iframe width="560" height="315" sandbox="allow-same-origin allow-scripts allow-popups" src="https://tube.tchncs.de/videos/embed/a7abda09-0031-4237-aa54-3fe66ddebafa" frameborder="0" allowfullscreen></iframe> </div>

We daalden af en zetten ons "ommetje" voort langs de jachthaven, het strand op aan de oostkant van het eiland om aam de noordelijke strand uit te komen. De stranden zijn heel breed en het is er zeker nu heerlijk rustig. Ter hoogte van de Kampweg slaan we af door de duinen heen. Langs camping Stortemelk steken we zo het eiland over om weer in het dorp terug te keren. Het was een ommetje van zo'n 2,5 uur geworden. We waren letterlijk enkele minuten voor het ontbijt werd geserveerd (lees: in Corona tijden voor je kamerdeur gezet) terug. Perfecte timing.

Om 12.30 die dag zaten we weer op de veerboot richting het vaste land. Het waren prachtige dagen, ik had niet verwacht dat Vlieland zó mooi zou zijn.

OnderwerpenThemes